09 April 2010, geschreven door Sanne
De tweede dag van de summit begint goed: ik ben bij een speciale ’student meeting’ met Professor Muhammad Yunus. Yunus is de oprichter van de Grameen Bank, de organisatie die sinds 1983 kleine leningen aan de armen in de Bangladesh geeft. In 2006 won Yunus samen met de bank de Nobelprijs voor de vrede. Zijn boek ‘Banker to the Poor’ was voor mij de eerste introductie met microfinanciering.
Tijdens de toespraak van Yunus heeft hij het vooral over ’social business’, of zoals Yunus zegt ’selfness business’. ‘Social business’ is een concept waarbij bedrijven geen winst uitkeren, omdat ze al het verdiende geld (na aftrek van allerlei kosten) terug investeren in het bedrijf. Er is dus sprake van ‘No loss, No dividend.’ Een dergelijk bedrijf heeft bepaalde sociale objectieven, zoals Grameen Danone Foods die malnutritie van kinderen bestrijdt op het Bengaalse platteland.
Een Microfinance Institution (MFI) kan ook een social business zijn. Dat hoeft niet. Sommige MFIs worden gefinancierd door privévermogen of via kapitaalmarkten, zoals ik gisteren tijdens de workshop van Blue Orchard heb geleerd. Vanuit het Yunus kamp is veel commentaar op het laatste soort MFIs. Toen Compartamos, een Mexicaanse MFI, in 2007 voor het eerst aandelen uitgaf, werd er 450 miljoen US Dollar aan verdiend. Yunus was diep verontwaardigd over deze gebeurtenis en weigerde vlak daarna de woorden ‘Compartamos’ en ‘microfinanciering’ in één zin te noemen. Ik moet me meer verdiepen in ‘Compartamos-gate’, maar het lijkt op het eerste gezicht buitensporig veel geld voor een organisatie met een sociale missie. 
Een meisje staat op en vertelt dat ze voor een MFI gaat werken. ‘Hoe bouw ik een relatie met de lokale bevolking’, vraagt ze. ‘Don’t feel like a foreigner. Forget you are a foreigner’, antwoordt Yunus, ‘We always talk about how different we are, but there is really so little variation in genes. I could write hundreds of books on similarities, but do not have enough material for one book on differences’.
Helaas krijg ik niet de kans om een vraag te stellen aan Yunus. Na de bijeenkomst is er een andere bijeenkomst met Fazle Abed, de oprichter van BRAC. BRAC, Bangladesh Rural Advancement Committee, is een ontwikkelingsorganisatie die, net als de Grameen Bank, is opgezet in Bangladesh. Sindsdien is BRAC uitgebreid naar onder andere Haïti, Afghanistan en Sierra Leone met allerlei programma’s. Abed zegt dat hij gelooft dat ‘poverty is a multidimensional syndrom’, wat blijkt uit de veelzijdigheid van de BRAC projecten. Projecten hebben onder andere betrekking op gezondheid, internet op scholen, microfinanciering. Abed is, in tegenstelling tot Yunus, meer een zakenman. Hij is begonnen bij Shell en heeft een zakelijke instelling gehouden bij het opzetten en uitbreiden van zijn organisatie. Toch, als Sam Daley-Harris hem vraagt naar Compartamos, reageert hij afwijzend.
Sam Daley-Harris is de directeur van de Mircrocredit Summit Campaign. Dat is de organisatie die al sinds 1997 microkrediet conferenties organiseert. Ik vertel hem over mijn deelname aan de studiereis en dat ik verbaasd was over hoe sommige MFIs werken: leners moeten hoge rentes betalen, een onderpand hebben en aan starters wordt niet geleend. Sam antwoordt: ‘When Yunus started Grameen, he decided to do everything exactly the opposite from normal banks. If they asked collateral, he would not. If they helped men, he helped women. If the people had to come to them, he would come to the village. (…) Today, the industry has developed further. Going down that road of development, there is a fork. One way is the way of profit maximization. That is just doing the same old thing. (…) The other way is the way of world changers, like Yunus and BRAC. There is a reason that I invited the latter people to come and talk to you.’ (Sam heeft geholpen met het organiseren van de student meetings.)
Veel aanwezige studenten vragen Sam om carrière advies. Ik ben verbaasd als hij vertelt dat hij is begonnen als muzikant in een symfonieorkest. Pas na 12 jaar raakte hij betrokken bij ontwikkelingswerk. Yunus was eerst professor en Abed begon bij Shell. Sam gebruikt een citaat van Buckminster Fuller: ‘The things to do are the things that need doing. The things that you see need to be done and that no one else sees.’
’s Middags ontmoet ik Ging Ledesma, Manager Social Performance bij Oikocredit International. Social Performance is een nieuwe trend in microfinanciering, waarbij wordt gekeken naar het sociaal presteren van een MFI. Bijvoorbeeld, wordt de sociale missie gerealiseerd? Om dit te meten zijn allerlei ‘tools’ ontwikkeld, zoals de Progress out of Poverty Index (PPI TM). De PPI is een manier om armoede te meten en ik gebruik deze maatstaf ook in mijn afstudeeronderzoek. Oikocredit heeft pas een social scorecard ontwikkeld, waarbij wordt gekeken naar vier maatstaven voor het sociaal presteren van een MFI: (i) ‘outreach and targeting’ (bijv. worden de armste mensen bereikt?), (ii) ‘client benefit and welfare’ (bijv. worden klanten beschermd tegen overkreditering?), (iii) ‘governance’ (bijv. heeft de MFI een duidelijke missie?) en (iv) ‘responsibility to staff, community and environment’ (bijv. werken er voldoende vrouwen bij de MFI?). Deze score zal binnenkort worden gebruikt bij de beslissing of een MFI een lening krijgt van Oikocredit. MFIs die uitermate goed presteren op dit vlak krijgen zelfs korting op de rente.
Na het gesprek met Ging ga ik naar de workshop over ‘The cutting edge in social performance management’. Eén van de sprekers werkt voor BRAC Uganda en vertelt over de score kaart die BRAC heeft ontwikkeld. Deze methode is hetzelfde als de PPI. Omdat een dergelijke index nog niet bestond voor Uganda, heeft BRAC een eigen index ontwikkeld. Jammer dat ik nu pas hoor over BRAC’s score card, die had ik goed kunnen gebruiken in mijn onderzoek.
Wat een dag! In een korte tijd heb ik gesproken met de pioniers uit de microfinanciering, geluisterd naar de nieuwste trends in het veld en ben ik flink aan het denken gezet. Voorlopig heb ik nog meer vragen dan antwoorden. Misschien kom ik morgen weer wat verder, als ik onder andere naar Ingrid Munro zal luisteren, een Zweedse vrouw die een succesvolle MFI heeft opgezet in Kenia.
[Ik heb geprobeerd citaten zo letterlijk mogelijk over te nemen.]
Gepost op Uncategorized | Comments Off